Informatie

Hieronder zie je de (assistent) scheidsrechters aanstellingen van de KNVB Zuid II (e.o.).
Je kunt je eigen aanstelling(en) er ook bij zetten. Als je dit wilt, kun je dat doen d.m.v. het invullen van het formulier. Met deze link kun je jouw wedstrijd(en) invullen

**Nieuws**Nieuws**Nieuws**Nieuws**Nieuws**Nieuws**Nieuws**Nieuws**Nieuws**

25.11.13 Bij standaardelftallen is het niet nodig om de 1 toe te voegen.
14.08.14 Je kunt je eigen aanstelling nu zelf aanpassen middels de link die je hebt gekregen! Let op! Voor elke wedstrijd krijg je een aparte link.
01.09.14 Er zijn diverse updates (o.a. spelregels/handboeken) die je kunt vinden bij de links.

** Nieuws** Nieuws** Nieuws** Nieuws** Nieuws** Nieuws** Nieuws** Nieuws** 

DatumNaamTijdThuisUitPlaatsSoort wedstrijdKlasseFunctie
18-01-2015 Jan Vermeer 14:00 ADO"20 JVC Cuijk Heemskerk Veld comp. Topklasse ASR2


Trainingstips voor de winter

Nog even en de winterstop komt er aan!
Tijdens de herfst en winter zal je waarschijnlijk vaker op de openbare weg gaan hardlopen nadat je van je werk komt. Aangezien het dan donker is, zijn hier enige tips voor veilig hardlopen in het donker.

Neem genoeg de tijd voor de warming-up en cooling-down ter voorkoming van blessures.

Zorg er voor dat je gezien wordt. Gebruik ‘s avonds kleding met reflecterende strepen, zodat auto’s en fietsers je zien in het donker. In sportwinkels, maar ook in winkels die auto accessoires verkopen, zijn reflecterende hesjes, reflecterende bandjes, hesjes met led verlichting en losse lampjes verkrijgbaar.

Maak gebruik van looproutes die goed verlicht zijn en waar weinig autoverkeer en fietsverkeer is.

Blijf in het donker ook altijd alert: er zijn genoeg fietsers die zonder licht rijden of dat je toch niet goed gezien wordt ondanks al je maatregelen.

Wanneer je stukjes langs een drukke weg gaat trainen, kan je het beste het verkeer tegemoet lopen.

Ga niet alleen trainen in het donker in afgelegen gebieden.

Bij een onbekende weg is het verstandig alert te zijn op losliggende stoeptegels, boomwortels ect.

Handschoenen gebruik je niet te snel. In het begin kan het wel wat koud zijn zonder, echter je handen komen vrij snel op temperatuur. Eenmaal op temperatuur is het lekkerder om zonder te trainen.

Bij koorts mag er niet worden getraind. Het is bovendien gevaarlijk: een infectie van de hartspier is niet uitgesloten. Je mag pas weer lichtjes (lage intensiteit en korte duur) gaan trainen als je enkele dagen koortsvrij bent. Houd er ook rekening mee dat je pas na twee tot vier weken je normale belasting aan kunt (bij twijfel niet trainen!).

Wanneer je tijdens de donkere en gure maanden minder wilt gaan lopen, is dat geen probleem. Het beste kan je dan één keer per week een rustige (lange) duurloop doen en één keer wat harder: tempo 2 training of vaartspel. Doe bij de rustige duurloop ook regelmatig op het laatst wat korte versnellinkjes van 100 m.

Ga in de laatste week van het jaar eens na wat je goed en fout heb gedaan. Leer vooral van je fouten!

Read more... 0 comments

Tijdstrafregeling / Visuele controle / Trainerslicentie

TIJDSTRAFREGELING

Deze wijziging geld alleen bij de B categorie. Alleen bij de eerste gele kaart van een speler in de wedstrijd moet de speler voor tien minuten het veld verlaten

  • voor pupillen een duur van 5 minuten
  • Deze kaart komt niet op het wedstrijdformulier
  • Gedurende de afkoelperiode mag de speler ook niet gewisseld worden
  • Een tweede gele kaart voor dezelfde speler in dezelfde wedstrijd betekent een indirecte rode kaart
  • Beide gele kaarten komen niet op het wedstrijdformulier dus er zijn geen tuchtrechtelijke gevolgen
  • Een directe rode kaart komt op het wedstrijdformulier en heeft tuchtrechtelijke gevolgen.

Een team mag niet met minder dan zeven spelers op het veld staan. Als dit gebeurt, wordt de wedstrijd gestaakt. Het team met minder dan zeven spelers is dan schuldig aan het staken van de wedstrijd. Dit gaat in op 1 september 2013!

 VISUELE CONTROLE

De namen van de betrokkenen worden op het wedstrijdformulier ingevuld. De scheidsrechter controleert in het bijzijn van beide aanvoerders* of de gegevens op de spelerspassen overeenkomen met de gegevens op het wedstrijdformulier. De scheidsrechter ontvangt van de wedstrijdcoördinator uiterlijk 15 minuten voor aanvang van de wedstrijd een afdruk van het wedstrijdformulier. De scheidsrechter neemt de spelerspassen mee naar het speelveld voor de visuele controle. De spelers vormen voor het begin van de wedstrijd op het speelveld gezamenlijk een rij.
Op het moment dat een wisselspeler het veld ter hoogte van de middenlijn betreedt, overhandigt hij de spelerspas aan de scheidsrechter. De scheidsrechter controleert aan de zijlijn de spelerspas en noteert het relatienummer.
De scheidsrechter rondt het wedstrijdformulier af.
Door ondertekening van het wedstrijdformulier, verklaren de beide aanvoerders en scheidsrechter alle gegevens te hebben gecontroleerd aan de hand van de spelerspassen en de visuele controle te hebben uitgevoerd.

Vanaf 1 september 2013: Verplichte visuele controle voor senioren mannen en vrouwen categorie A.
Vanaf 1 november 2013: Verplichte visuele controle voor jeugdvoetbal jongens en meisjes categorie A.
Vanaf 1 januari 2014: Verplichte visuele controle voor senioren mannen en vrouwen categorie B.
Vanaf 1 maart 2014: Verplichte visuele controle voor jeugdvoetbal jongens en meisjes categorie B. 

Toevoegen trainerslicentie

Vanaf de start van het seizoen 2013/’14 vindt verscherpte controle plaats op trainerslicentie. Op basis van de trainer die op het Digitaal Wedstrijd Formulier staat vermeld vindt de controle plaats. Verenigingen ontvangen in totaal zes waarschuwingen.

Voor het seizoen 2013/’14 zijn hiervoor de volgende klassen benoemd:
Veldvoetbal
- Standaard teams mannen veldvoetbal zaterdag en zondag (met uitzondering van de 6e klasse).
- BeNe Liga vrouwen
- Topklasse vrouwenvoetbal
- Hoofdklassen vrouwenvoetbal
Zaalvoetbal
- Mannen: Eredivisie, 1e divisie en Topklasse

Voor de overige klassen vindt er geen controle op trainerslicentie plaats. De aanwezige trainer-coach van een team dient wel gewoon op het digitale wedstrijdformulier (DWF) te worden vermeld

 Handige documenten:

Handleiding Digitaal Wedstrijdformulier
- paragraaf 5.2.1.2: Toevoegen trainer-coach op wedstrijdformulier.

Read more... 0 comments

'Scheids, ik speelde toch de bal!'

Onder  de titel  wordt bedoeld  het  “ten  val  brengen”  van  een  tegenstander  door middel  van een “sliding  tackle”.  Dit kan zowel op  reglementaire  als onreglementaire wijze  gebeuren.  Als  de  tackle
correct  wordt  uitgevoerd  en  de  tegenstander  komt daarbij  alsnog  ten  val  dan  is  er geen sprake  van een overtreding.  Pas als de  tackle niet  correct  wordt  uitgevoerd  en de  speler brengt zijn tegenstander ten val  is  er sprake van een  directe  vrije  schop  (zie verschil in ten val komen en ten val  brengen). Voor
scheidsrechters  is  het  belangrijk  dat  ze  goed  letten  op  acties  die  schijnbaar ten  doel  hebben  de  bal te  spelen, maar  waarbij  de  bal  in  het  geheel niet  geraakt wordt.  Een zeer groot  deel  van  de  spelers weet  niet  op  welke  wijze  een correcte sliding  tackle  moet  c.q.  mag worden  uitgevoerd.  Zij hebben de neiging om  allerlei wilde  sprongen  in  de  richting  van  de  bal  als  een  correcte  actie  aan  te  merken.  In de  meeste  gevallen maken  zij dan  met  hun  beide  handen  het  gebaar  dat  ze de  bal speelden om  deze manier te  verbloemen dat  zij deze helemaal  niet  raakten.

Een reglementaire  “sliding  tackle”  moet  aan  een  aantal  voorwaarden  voldoen.  Het woord  “sliding”
komt  van  het Engelse “to  slide”,  wat  glijden betekent. Het enige  wat dus  geoorloofd  is, is glijdend  met een  of  beide benen over de grond,  de bal voor  de voeten  van de  tegenstander  weg  te  spelen. Daarbij moet  dan  wel  de  bal  gespeeld/ geraakt  worden.  Indien  dit  laatste  niet  gebeurt  zal  de scheidsrechter deze tackle  moeten bestraffen met een  directe  vrije  schop. Bij  het maken  van een sliding  tackle  loopt  de speler altijd  bewust  het  risico  dat  hij de bal  niet  speelt  of  raakt en dus  te  laat komt  en daardoor  zijn tegenstander ten val brengt.

Bedenk  ook  dat  voor  een  “sliding  tackle”  ruimte  nodig  is,  namelijk ruimte om  de glijdende  beweging  over de grond  te kunnen uitvoeren. Als de “sliding  tackle” van te dichtbij  wordt  ingezet, valt  de  aangevallen  speler  vrijwel  zeker over  het  (uit gestoken) been van zijn tegenstander.
Vooral  de “sliding  tackle”  die van voor of  van achter  of  opzij op  een  tegenstander wordt  ingezet, terwijl deze  de  bal  aan de  voet  heeft, moet  door  de  scheidsrechter nauwkeurig in het oog  worden  gehouden.
Het is namelijk de bedoeling  dat  met  een “sliding  tackle”  uitsluitend  de  bal  wordt  gespeeld. Als de
tegenstander  wordt geraakt, dan is dat  altijd een  overtreding, maar  ook nog een  gevaarlijke  actie.

Dat geldt in nog  sterkere mate als dit  soort  “sliding  tackle”  met  het  nodige  geweld  gepaard gaat.  De disciplinaire  straf  zal  afhangen  van  de  daarbij  gepaard  gaande  inzet.  Bij een “onvoorzichtig” en niet correcte  tackle  zal de  scheidsrechter  kunnen  volstaan met  alleen een directe  vrije  schop.  Indien  deze onbesuisd  is  zal er  een gele  kaart getoond  moeten  worden.  Als  de  overtreding  gepaard  gaat  met buitensporige  inzet of  de veiligheid van de tegenstander in gevaar  wordt  gebracht  zal er een  rode  kaart  worden  getoond.

In feite is een  groot  deel van de zogenaamde  “sliding  tackles”  strafbaar . Het aantal  blessures ten gevolge  van acties  die  “sliding  tackles”  worden  genoemd,  is  groot en het  is de  taak  van de scheidsrechter  op  dit  punt  streng  op  te  treden .

Read more... 0 comments

Ben jij zuinig op je lichaam?

Blessures kun je voorkomen door goed en verantwoord te trainen. Daarnaast is het van belang – zeker als je wat ouder bent – om je lichaam goed te verzorgen.

Als scheidsrechter ben je sportief actief en wordt er tijdens een wedstrijd veel van je gevraagd. Ben jij zuinig op je lichaam? Neem dan onderstaande adviezen in acht.

1. Neem voldoende rust

Overbelasting en vermoeidheid moet je zien te voorkomen. Dat betekent dat je op de juiste momenten goed moet trainen, maar ook dat je op de juiste momenten moet rusten. Er zijn scheidsrechters die regelmatig drie wedstrijden in de week fluiten. Wees wijs en zorg voorafgaand en na zo’n week voor een aangepast trainingsprogramma. En uiteraard tijdens zo’n week voor meer rust en (para)medische begeleiding.

2. Luister naar je lichaam, neem klachten serieus

Je moet het goede fluiten een seizoen lang volhouden. Het is daarom belangrijk dat je goed luistert naar je lichaam. Als je een klacht hebt, denk dan niet: ‘Ik maak het de komende drie weken even vol en kan dan tijdens de winterstop wel weer bijtanken.’ Als er iets is wat je serieus moet nemen, dan zijn het wel klachten. Je lichaam kan aangeven dat je spierpijn hebt, knieklachten of pijn aan je voet. In alle gevallen is het belangrijk dat je kijkt: wat is de oorzaak? Wat kan ik er nu aan doen? En wat kan ik eraan doen om het te voorkomen?

Bron: Niels de Vries, die als inspanningsfysioloog bij de KNVB scheidsrechters begeleidt.

Read more... 0 comments

Warming up / Cooling down

Doel:
Het doel van de warming-up is je niet alleen lichamelijk, maar ook mentaal voor te bereiden. De lichaamstemperatuur en met name die van de spieren wordt verhoogd. Hierdoor zullen er allerlei processen die bij het hardlopen betrokken zijn efficiënter verlopen, waardoor het rendement van je training hoger zal zijn. Door het goed uitvoeren van de warming-up verminder je bovendien de kans op blessures.

Hoe:
De warming-up begin je met heel rustig hardlopen of wandelen. Na een minuut of twee, drie ga je aan de gang met losmakende oefeningen. om de doorbloeding en de soepelheid van de spieren te verbeteren. Daarna een stukje rustig hardlopen met wat versnellingsloopjes. Wanneer de spieren voldoende warm zijn doe je nog een serie rekoefeningen. Hierna loop je nog een minuut of wat rustig in.

Duur:
De lengte van de warming-up is afhankelijk van verschillende situaties. Bij een rustige duurloop is heel langzaam starten voldoende. Als voorbereiding op een intervaltraining moet je een kwartier uit te trekken. Bij een wedstrijd nog iets meer. Ook is het een en ander afhankelijk van de weeromstandigheden. Trekt bij koud weer gewoon meer tijd uit voor de warming-up. Je kunt bij zeer koude omstandigheden ook een gedeelte van de warming-up thuis doen.

Cooling-down

Doel:

Na afloop van de training doen je een cooling-down om de lichaamstemperatuur weer te laten zakken en om de afvalstoffen beter af te voeren. Door de cooling-down op de juiste wijze toe te passen zal je sneller herstellen van je inspanningen. Ook worden de loopspieren weer op lengte gebracht.

Hoe:
Hetzelfde als de warming-up, maar dan andersom. Rustig hardlopen met wat versnellinkjes. Daarna loop of wandel je nog een stukje uit in een redelijk tempo. Doe tijdens en na afloop van de cooling-down ook wat lichte oefeningen.

Duur:
Net als bij de warming-up is de cooling-down ook afhankelijk van verschillende situaties. Over het algemeen is tien minuten voldoende. Doe altijd een cooling-down. Doe ook niet te veel.

Read more... 0 comments